Toch even een blogje vanaf de camping. Er is alleen draadloos internet in de recreatieruimte en de 100 meter in de omgeving daarvan. De recreatieruimte sluit om 10 uur 's avonds en dan gaan wij buiten zitten, want daar hebben we ook nog internet. Er zitten hier nu maar een paar mensen, maar net waren er 2 dames die de hele tijd zaten te kletsen en een of ander muziekje op de achtergrond aan hadden staan. Ik stoorde me er nogal aan, maar heb er niks van gezegd. Ik heb zelf de hele tijd mijn geluid heel zacht staan, zodat ik anderen niet tot last kan zijn.
Verder is het een werkvakantie, de vriendin waarbij ik logeer, in de tent, helpt hier op de camping de dieren verzorgen, dus ik ben haar daarmee aan het helpen. Misschien maak ik later deze week wat foto's van de dieren die hier zijn. Gisteravond geholpen bij een activiteit met de kinderen, ze mochten versieringen knutselen en tekenen.
Ik reageer nog niet op andere blogs, want ik gebruik bij het lezen van die blogs de spraakfunctie van mijn hulpprogramma op de laptop, misschien neem ik later deze week mijn oortjes mee, dan kan ik wel gewoon de spraakfunctie gebruiken zonder dat andere mensen daar last van hebben.
dinsdag 26 juli 2011
zondag 24 juli 2011
Zonnestralen
Ik zie de zon in je ogen stralen
Als je gedachten naar mij afdwalen
Als je gedachten naar mij afdwalen
Als je naar mij kijkt en lacht
Ik weet dat je aan mij dacht
En die lieve blik in jouw ogen
Heeft tegen mij niet gelogen
Ik wil een ster van de hemel plukken
Maar de hemel valt uiteen in stukken
Een zonnestraal die op ons pad scheen
Een kring van lichtstralen om ons heen
Het licht dat weerkaatst in een kristal
Ik weet niet wat ik nog meer zeggen zal
(Hierna ben ik 6 dagen op vakantie, ik reageer dus later op blogjes en schrijf zelf ook geen blogjes. Mijn laptop is wel mee.)
vrijdag 22 juli 2011
Syndroom van wilkie
Ik schrijf soms weinig, omdat ik elk moment dat mijn vriendje tijd heeft voor mij wil benutten, want het gaat niet altijd goed met hem. Als het slecht gaat is hij minder vaak op MSN en dus benut ik de momenten dat hij er wel is goed. Hij heeft het syndroom van Wilkie. Ik kan zelf niet goed uitleggen wat het inhoudt, daarvoor verwijs ik jullie door naar deze blog: syndroom van wilkie. Ik heb een paar keer gereageerd op deze blog en toen heeft het meisje dat deze blog schrijfto ok een keer bij mij gereageerd, daarna hebben we mailcontact gekregen, wat best fijn is. Zo weet ik wat ik kan verwachten na de operatie bijvoorbeeld.
woensdag 20 juli 2011
De ontvoering
Floor loopt door de school. Het is zo stil. Waar is iedereen toch? Dan legt iemand een hand over haar mond en trekt haar mee een lokaal in, Floor spartelt en beweegt, probeert te gillen, maar er komt geen geluid langs die hand. Dan krijgt ze een doek voor haar ogen, hij wordt strak vastgemaakt en dan ziet ze niets meer. Ze wordt opgetild en meegenomen. Een klap en dan merkt ze niets meer.
Floor wordt wakker. Ze voelt dat er een touw om haar polsen en enkels zit. Ze ziet niets, maar hoort toch van alles: piepende remmen, dichtslaande autodeuren, mannenstemmen en dan hoort ze een kofferbak opengaan. Ze wordt opgetild, even later voelt ze dat ze een trap afgaan. Floor wordt op iets zachts neergelegd en ze hoort de mannen de trap weer oplopen en een sleutel in het slot omdraaien.
Dan hoort ze voetstappen in de ruimte. ‘Thomas, heb je je zakmes nog?’ hoort ze dan. ‘Waar ben ik? Wie zijn jullie?’ vraagt Floor angstig. Haar blinddoek wordt afgetrokken en ze ziet eerst niets, zo donker is het. Dan ziet ze een paar kleine raampjes bovenin waar een beetje licht doorheen valt. Ze ziet een trap, een klein tafeltje en een paar oude matrassen waarop een jongen en twee meisjes zitten. ‘Thomas, mag ik je zakmes?’ zegt een van de meisjes, die vlak voor haar zit. De jongen geeft een zakmes aan het meisje. ‘Ann, zou je ons niet voorstellen? Ach, ik zal het wel doen.’ zegt de jongen, ‘Ik heet Thomas, dit is Veroniek en dat meisje dat de touwen losmaakt is mijn zusje Ann. En hoe heet jij?’ Het is even stil en dan zegt Floor: ‘Ik ben Floor, maar waar zijn we en wat doen we hier?’. Ann heeft inmiddels de touwen los en legt ze op het tafeltje. ‘O, we zijn doodleuk ontvoerd door twee mannen, ik zou niet weten wat ze met ons willen doen en wat ze hiermee willen bereiken. zegt Ann, die zich druk maakt. Veroniek heeft nog niets gezegd tot dit moment: ‘Gaan we nog eens verder met dat ontsnappingsplan?’ En dan tegen Floor: ‘We zijn bezig met een ontsnappingsplan. Eergisteren hebben we het bedacht.’
Na een half uur leggen Veroniek en Ann de dekens recht en iedereen gaat slapen.
De volgende ochtend wordt Floor wakker van een piepende deur. Een van de ontvoerders komt binnen met een bord, waar een stapel boterhammen op ligt. Hij zet hem neer op het tafeltje en loopt dan snel weer weg. Even later hoort Floor de sleutel omdraaien in het slot. Dan staat Thomas op en pakt het bord van het tafeltje af. Hij gaat weer zitten op een van de matrassen. ‘Wie wil er kaas en wie hagelslag?’ vraagt hij alsof ze aan het picknicken zijn. Veroniek en Ann gaan rechtop zitten en graaien allebei een boterham van het bord. ‘Floor, wil je ook iets eten?’ vraagt Thomas dan. ‘Ja, als er nog iets is.’ zegt Floor terwijl ze rechtop gaat zitten. Thomas geeft haar een boterham en zegt: ‘Natuurlijk, we delen wat er is.’. ‘Wanneer zouden die engerikken weer weggaan?’ vraagt Ann zich hardop af. Veroniek eet haar boterham op en loopt naar het tafeltje. Dan zet ze het tafeltje onder het raam. Samen met Floor verschuift ze de matrassen. ‘Nu is ons interieur ook eens wat gezelliger.’ zegt Veroniek, ‘Wie weet hoe lang we hier nog zitten.’.Even later horen ze de mannen praten. De deur valt in het slot en de motor van de auto wordt gestart. ‘Ze zijn weg.’ zegt Thomas. Ze luisteren nog even, maar ze horen het volgende kwartier nog niks.
‘Kom, dan proberen we of het raam open kan en of we er doorheen kunnen.’ zegt Ann en ze staat al op het tafeltje. Ze maakt het raam open en ziet dat het groot genoeg is om doorheen te klimmen. ‘Kom Veroniek, ga jij eerst.’ zegt ze en stapt weer van het tafeltje af.
Een half uur later staan ze allemaal buiten en lopen naar de straat. Daar kijkt Ann eerst welke kant ze het beste op kunnen gaan. Ze lopen tot de bushalte en kijken waar de bus heen gaat. ‘Leeuwarden’ leest Thomas hardop, ‘de volgende bus komt om kwart over elf, de bus gaat om het uur.’ ‘Moeten we niet eerst naar het politiebureau?’ zegt Ann tegen hem. ‘Zie jij hier ergens een politiebureau? Ik niet en het ziet er hier niet erg groot uit. Ik denk dat er in Leeuwarden wel een politiebureau is.’. Ann knikt en zegt: ‘Hoeveel geld hebben jullie bij je? Of heeft iemand nog een strippenkaart?’ Thomas voelt in zijn zakken en vindt een strippenkaart. ‘Kijk, hier zitten vast nog genoeg strippen op voor ons allemaal.’ zegt hij.
Eenmaal in Leeuwarden vragen ze aan een paar mensen de weg naar het politiebureau. Ze zijn er al snel en Thomas doet het verhaal. De politie vraagt ze allemaal apart van elkaar om het verhaal te doen. Dan wordt gevraagd wat de plaats is waar ze opgesloten zaten. Dan vertelt Floor dat ze het heeft gezien bij de bushalte op het bordje. ‘Er stond op het bordje ‘Stiens’.’ zegt ze. Ze wisselen de emailadressen uit en dan worden ze naar huis gebracht door de politie. Thuis mogen ze het hele verhaal nog een keer vertellen aan de ouders.
Een paar weken later zit Floor achter de computer. Ze is aan het MSN’en met Ann. Haar ouders kijken het nieuws op de tv. Dan hoort ze dat twee mannen in de buurt van Leeuwarden zijn opgepakt door de politie. Floor zegt tegen Ann dat ze het nieuws aan moet zetten. Floor typt naar Ann: ‘Volgens mij zijn dat die mannen die ons ontvoerd hebben.’ Daarna gaan ze offline.
Het kan zijn dat dit verhaal een ander lettertype heeft dan normaal, dit komt omdat het gekopieƫrd is uit een word-document en ik normaal altijd gewoon op de site in het bericht schrijf. Dit verhaal heb ik ooit geschreven voor een wedstrijd en ik heb nooit meer iets van die wedstrijd gehoord.
zaterdag 16 juli 2011
Regen
Na deze titel denk je vast dat ik ga klagen over de regen, zoals vele Nederlanders zouden doen. Dat was mijn plan dus niet. Na de regen zie ik tijdens het wandelen veel naaktslakken. Veel reacties zullen dan zijn: bah, iel of jakkes. Ik vind naaktslakken mooi, ik weet niet precies waarom, maar ik vind ze mooi om te zien. Na die regen van de afgelopen dagen was ik gisteren de hond aan het uitlaten en had ik mijn fototoestel mee. Dit fototoestel, nouja een digitale camera, heb ik nieuw sinds dinsdag, het was een cadeautje voor mijn diploma-uitreiking van mijn ouders.. Mijn plan was om foto's te nemen van de zonsondergang, maar deze was niet erg mooi.
Toen kwam ik allemaal naaktslakken tegen, die overstaken of al bijna bij het gras waren. Ik heb een aantal foto's gemaakt en hieronder een paar mooie.
Toen kwam ik allemaal naaktslakken tegen, die overstaken of al bijna bij het gras waren. Ik heb een aantal foto's gemaakt en hieronder een paar mooie.
En hier nog een bewijs van de regenval van de afgelopen dagen:
En toch nog even een foto van de lucht als de zon ondergaat:
donderdag 14 juli 2011
Rozen
Ik heb een week geleden met de diploma-uitreiking 3 rozen gekregen. De rode van de ouderraad, de grote witte (met roze) van de begeleiding van het buitenhuis waar ik woon in Grave en de kleine wit met roze van een van de begeleidsters van het andere buitenhuis waar ik tot half april woonde.
Deze rozen waren binnen 3 of 4 dagen allemaal al geknakt, de kopjes hangen naar beneden. Toch heb ik gisteren maar even een foto gemaakt. Op de achtergrond het groenen rolgordijn waarover ik in het mysterie van het groene lichtje al schreef.
maandag 11 juli 2011
Kikkerdromen
Een kikker sprong op
Uit een droom over een andere kikker
Maar tegelijk zag hij een vlieg
Hij vergat de droom op slag
En dacht alleen nog maar aan de vlieg
Hap, slik en de vlieg was weg
Terwijl de vlieg ook nog maar net wakker was
En hij de kikker niet had opgemerkt
Aan de kant van het water
De kikker viel weer in slaap
En droomde weer over de andere kikker
Een kikker die geen vliegjes eet
Die nog maar net wakker zijn
Dit gedicht heeft ook op mijn vorige blog gestaan, maar het is in tussentijd iets veranderd.
Uit een droom over een andere kikker
Maar tegelijk zag hij een vlieg
Hij vergat de droom op slag
En dacht alleen nog maar aan de vlieg
Hap, slik en de vlieg was weg
Terwijl de vlieg ook nog maar net wakker was
En hij de kikker niet had opgemerkt
Aan de kant van het water
De kikker viel weer in slaap
En droomde weer over de andere kikker
Een kikker die geen vliegjes eet
Die nog maar net wakker zijn
Dit gedicht heeft ook op mijn vorige blog gestaan, maar het is in tussentijd iets veranderd.
Abonneren op:
Posts (Atom)